Financiële problemen: wie zorgt er voor kwetsbare huishoudens?
Foto van Jhon David
Dit artikel is geschreven in samenwerking met Fred de Jong, gebaseerd op consumentenonderzoek onder 1.247 Nederlandse huishoudens.
De financiële gevolgen van het overlijden van een partner kunnen groot zijn. Nabestaanden blijven achter met minder inkomen, terwijl de woonlasten doorlopen. In hoeverre die gevolgen beheersbaar zijn, hangt af van verschillende factoren. Een daarvan: is er een voorziening getroffen om het verlies aan inkomen op te vangen?
We onderzochten hoe Nederlandse huishoudens omgaan met dit risico. De uitkomsten zijn zorgwekkend.
De cijfers
27% van de respondenten verwacht onmiddellijke financiële problemen te ondervinden als hun partner overlijdt. Nog eens 17% heeft er geen idee van of heeft er niet over nagedacht. Samen is dat 39% van de Nederlandse huishoudens die kwetsbaar zijn.
De problemen concentreren zich bij een specifiek profiel: laagopgeleid met inkomen tot modaal, wonend in een huurhuis, alleenstaand met financiële verplichtingen voor kinderen, vertrouwend op familie en vrienden voor financiële zaken, vooral bezig met dagelijks financieel overleven.
Van de huishoudens met dit profiel heeft 69% geen overlijdensrisicoverzekering.
Huurders
Opvallend is de kloof tussen huurders en huiseigenaren. Onder huiseigenaren heeft 60% een levensverzekering. Onder huurders is dit 31%.
Waarom krijgen huurders geen dekking? De belangrijkste reden: het komt niet bij hen op. Bovendien gaat 27% ervan uit dat de premie te hoog is —, terwijl deze feitelijk rond de €13 per maand loopt.
De financiële impact van het overlijden van een partner treft huurders zonder verzekering het hardst. Gemiddeld daalt hun besteedbaar inkomen met 33%. Dat is meer dan hun maandelijkse woonlasten.
Buiten beeld
De groep die het meeste risico loopt, is ook de groep die het minst in contact komt met financieel adviseurs. Van de huurders zonder overlijdensrisicoverzekering heeft slechts 14% de afgelopen vijf jaar een adviseur gesproken.
Huurders die wél een verzekering hebben, sluiten deze in 37% van de gevallen via een tussenpersoon of bank. De meesten kiezen voor online afsluiten of rechtstreeks bij een verzekeraar. Ze regelen het liever zelf.
Het gesprek dat niet plaatsvindt
37% van de respondenten heeft nooit gesproken over de financiële gevolgen van overlijden binnen hun huishouden. Onder alleenstaande ouders met thuiswonende kinderen bedraagt dat aantal 61%. Onder alleenstaande ouders met volwassen kinderen die zijn verhuisd, is dit 75%.
Het zijn juist de financieel kwetsbaren die er minder over nadenken. 26% van de huurders zonder verzekering heeft nooit nagedacht over hoe zij hun gezin financieel willen achterlaten.
Buiten bereik
De financiële dienstverleningssector richt zich op mensen die hypotheken afsluiten. Daar gebeurt het contact. Daar zit de opbrengst.
Maar de huishoudens die het grootste risico lopen, sluiten geen hypotheken af. Ze huren. Ze lopen niet het kantoor van een adviseur binnen. Ze gaan veel meer uit van verzekeringskosten dan zij. En ze denken er pas over na als het te laat is.
69% van de huurders heeft geen overlijdensrisicoverzekering. Slechts 14% heeft de afgelopen vijf jaar een adviseur gesproken.
Hoe bereik je mensen die niet naar je toe komen?
De vraag die blijft hangen
Dit onderzoek laat zien waar de schade valt: huishoudens die financieel kwetsbaar zijn, die geen buffer hebben, die niet weten wat er gaat komen.
De financiële dienstverleningssector beschikt over de kennis, de producten en de infrastructuur om hier een verschil te maken. De vraag is niet of het kan. De vraag is of de industrie bereid is verder te kijken dan de klanten die op eigen kracht komen opdagen.
Welke rol wil uw organisatie spelen voor de huishoudens die u niet ziet?